Tien opvoedingstips voor puberouders

Tijdens het maken van afstemmingen en andere contacten met pubers komen vaak dezelfde issues naar boven.
Vaak is een kleine verandering in de benadering van je puber al van grote waarde.
Pubers zijn druk bezig zich te ontwikkelen tot een volwassen persoon. Daar hoort ook bij dat je op ontdekkingsreis gaat naar wie ben ik en waar sta ik voor.

Maar ook wat vind ik van mijn ouders en van andere volwassenen in mijn omgeving? Wat vind ik van de waarden en normen die in mijn omgeving gelden?
Ook het verschillen van mening met je ouders en het hebben van conflicten hoort daarbij.

Hieronder tien opvoedingstips die er voor kunnen zorgen dat de onderlinge relatie tussen puber en ouder voor beide partijen prettig verloopt:

  1. Blijf communiceren.
  2. Houd zaken bespreekbaar.
  3. Geef je puber vertrouwen.
  4. Blijf geïnteresseerd in je puber en diens leefwereld.
  5. Verdiep je in de belevingswereld van je puber.
  6. Geef geen ellenlange preek maar houd het kort en bondig.
  7. Zeg wat je graag wil zien in plaats van wat je niet wil zien.
  8. Ga mee in de tijdsgeest van nu.
  9. Goed gedrag belonen heeft meer effect dan negatief gedrag straffen.
  10. Gebruik humor en relativeer.

Kinderen met HSP

Tips voor hooggevoelige kinderen

Als je hooggevoelig bent, neem je veel waar. Veel dingen vallen je op. Van sommige ben je je bewust maar niet van alles. Al die dingen die je opvallen kun je indrukken noemen. Wanneer je veel indrukken op doet, kun je daar opgewonden van worden of juist heel moe.
Niet alle kinderen nemen evenveel waar. Hooggevoelige kinderen hebben een zeer gevoelig zenuwstelsel.
Dit betekent dat bij deze kinderen er dus minder wordt gefilterd voordat het bij hen binnenkomt.
Vergelijk het maar met een zeefje van de zandbak. Wanneer je daar zand in schept uit de zandbak en je gaat zeven, blijven er steentjes en stokjes in het zeefje liggen. Zo werkt het eigenlijk ook bij mensen. Alleen bij hooggevoelige kinderen komt het zand meteen helemaal binnen zonder dat het gezeefd is. Dat houdt in dat er dus veel meer informatie binnen komt dan bij een gemiddeld persoon. Je begrijpt dat dit meer tijd en energie vraagt om dit allemaal te verwerken. Het is dan ook logisch dus dat je meer tijd en rust nodig hebt om al deze indrukken te verwerken. Om de indrukken te kunnen verwerken moet je je af en toe kunnen terugtrekken om je te kunnen afsluiten van je alles om je heen.

Soms ben je misschien zelfs te moe om te slapen of wordt je in plaats van heel slaperig juist heel druk. Het is belangrijk dat je zo nu en dan een pauze neemt en je afvraagt of je misschien aan rust toe bent.

Wanneer je voelt dat je druk wordt, neem dan even een time-out. Bijvoorbeeld door even een plekje te zoeken waar je even alleen kunt zijn maar je kunt ook even naar buiten te gaan. Het beste is om even de natuur in te gaan. Ga eens lekker op het gras zitten of liggen. Of leun tegen een boom en laat alle opwinding of spanning van je af glijden. Dit noemen ze dat je dan weer aan het aarden bent. Sommige kinderen vinden het ook heerlijk om even op de grond te gaan liggen. Hoe meer contact je met de aarde maakt des te beter.

Herken je dit? Als je even niets doet, maken je gedachten in je hoofd over uren. Het lijkt alsof het nooit stil is in je hoofd. Daar kun je ook moe of rusteloos van worden. Rust is dan een logische stap. Om te rusten en dan bedoel ik echt tot rust komen, zijn veel mogelijkheden. Dus kijk maar eens wat het beste bij jou past.

Tips die je kunnen helpen om een overgevoelige reactie voor te zijn:

Zorg goed voor jezelf

  • Dat betekent dat je gezond en regelmatig eet
    Dat betekent dat je voldoende water drinkt. Wist je dat uit onderzoek is gebleken dat je beter kunt concentreren als je regelmatig water drinkt?
  • Adem goed en via je buik
  • Chillen, relax of ontspan regelmatig
    Daarmee bedoel ik niet alleen dat je op de bank gaat hangen, maar ook buitenspelen en sporten hoort hierbij!
  • Blijf baas over je gedachten
    Ben je bewust dat je je eigen gedachten zelf creëert. Jij creëert dus ook het idee hoe anderen over je denken of wat ze van je verwachten. Je kunt jezelf anders leren denken. Zodat je gedachten niet een eigen leven gaan leiden. Heb je wel eens over NLP voor kinderen gelezen.

Wat kun je doen?

  • Laat piekergedachten los
    Er wordt ook wel eens gezegd dat piekeren de verkeerde kant op fantaseren is. Je kunt ook fantaseren hoe dingen goed kunnen gaan. Wanneer je een probleem op kunt lossen doe het dan en als je het niet op kunt lossen, probeer dan afleiding te zoeken zodat je niet langer piekert.
  • Maak dagelijkse ruimte om te mediteren of te visualiseren
    Lees meer op de pagina Meditaties
  • Zorg voor een overzichtelijke planning
    Ken je de dagritme kaartjes bij de kleuters nog? Die gaven je overzicht in de dag. Eigenlijk is dat een soort dagplanning die je zelf ook kunt maken. Je kunt natuurlijk ook een weekkalender of agenda gebruiken.
    Op die manier kun je zien wanneer je het druk hebt en wanneer je dus op moet letten dat het niet te druk wordt. Ook kun je er aantekeningen in maken over opvallende dingen die gebeuren of gevoelens die je hebt. Zodat je het ook als een soort onderzoeksboekje voor jezelf kunt gebruiken om inzicht te krijgen in jezelf.
  • Neem op tijd pauze
    Soms kun je zo opgaan in wat je aan het doen bent dat het ook teveel kan worden.
    Dat kan zowel positief als negatief zijn. Dus zorg dat je niet ergens te lang mee bezig bent.
  • Praat met anderen over wat je bezig houdt.
    Op die manier kun je ook van gedachten wisselen met iemand anders en kom je misschien wel tot een prettige oplossing voor een probleem of vind je iemand die hetzelfde denkt als jij.
  • Doe dingen waar je blij van wordt of waar je je fijn bij voelt.
    Dit is namelijk belangrijk om in balans te blijven en je goed te blijven voelen.

Raak je toch overprikkeld dan vind je hier tips!

Of kijk hier voor Boekentips:

HSP informatie

In iedere klas zijn er kinderen met HSP, ook al merken leerkrachten dit niet altijd op.

Kinderen met HSP hebben een zeer gevoelig zenuwstelsel. Door dit zeer gevoelige zenuwstelsel nemen ze veel waar van de wereld om hen heen. Kleine details vallen hen op. Je zou het kunnen zeggen dat kinderen een filter hebben om een selectie te maken van welke informatie binnen komt wen welke informatie niet belangrijk is. Bij HSP-ers is dit filter anders van samenstelling. Dit betekent dat bij deze kinderen er dus minder wordt gefilterd voordat het bij hen binnenkomt.
Vergelijk het maar met een zeefje van de zandbak. Wanneer je daar zand in schept uit de zandbak en je gaat zeven, blijven er steentjes en stokjes in het zeefje liggen. Zo werkt het eigenlijk ook bij mensen. Alleen bij hooggevoelige kinderen komt het zand meteen helemaal binnen zonder dat het gezeefd is. Dat houdt in dat er dus veel meer informatie binnen komt dan bij een gemiddeld persoon. Je begrijpt dat dit meer tijd en energie vraagt om dit allemaal te verwerken.
Wanneer er voor een langere periode prikkels blijven binnenkomen, kun je overprikkeld raken. Dit kan ook gebeuren als er in een korte tijd juist heel veel prikkels binnenkomen. Je begrijpt dat overprikkeling dus het grootste probleem is voor hooggevoelige kinderen. Je zou dus kunnen zeggen dat zij  als het ware gevoeligere antennes hebben. Deze zorgen er voor dat zij indrukken dieper en intenser opnemen dan niet minder gevoelige kinderen.

Wanneer hooggevoeligheid niet herkend wordt kan het gedrag van een hooggevoelig kind dat overprikkelt is, door de leerkracht als storend gedrag worden gezien. Deze leerlingen voelen zich op hun beurt niet serieus genomen of onrechtvaardig behandeld. Wellicht is het probleem dat er veel onduidelijkheid bestaat over de term hooggevoeligheid. Mensen denken soms dat het ‘iets van deze tijd is’ of dat je ’erin moet geloven’. Hieronder kun je meer lezen over wat het nu wel is en wat het doet met een kind.

In vakliteratuur kom je verschillende benamingen tegen voor hooggevoelige kinderen. De termen hooggevoelig, hoogsensitief, HSK (Hoog Sensitief Kind) en HSP ( Hoog Sensitieve Persoon) worden gebruikt.  Diverse informatie over hoogsensitiviteit is in een gevoelsmatige of spirituele context geschreven, waardoor een praktische binding zijn met het onderwijs zeer klein lijkt te zijn. Je hoort dan ook vaak dat leerkrachten HSP associëren met zweverigheid of verlegen gedrag. Ze zijn van mening dat een kind er wel overheen groeit. Gelukkig zijn er ook andere leerkrachten die benieuwd zijn maar weten niet goed hoe ze deze kinderen kunnen herkennen.

In vrijwel iedere klas zitten één of meer hoogsensitieve kinderen. Vaak wordt aan andere stoornissen gedacht wanneer kinderen ander gedrag laten zien dan het gangbare. Er is door LiHSK onderzoek gedaan en daaruit blijkt dat er een kans van slechts 11 % is dat bij gedrag van een kind in de klas wordt gedacht aan hooggevoeligheid. Uit het onderzoek van Aron is gebleken dat 15-20% van de mensen deze eigenschap bezit. Het is iets dat met het karakter van een kind te maken heeft. Al onze karaktereigenschappen zijn aangeboren en dus zeer wezenlijke aspecten van ons gedrag. Ze zijn genetisch bepaald en over het algemeen vanaf onze geboorte aanwezig.

Het belangrijkste kenmerk is dat hooggevoelige kinderen voortdurend nadenken over alles wat ze waarnemen. Ze hebben een fijn onderscheidingsvermogen. Ze zijn intuïtief ingesteld en wanneer ze niet uitkijken, krijgen ze een overschot aan prikkels binnen. Ze zien sneller dan anderen wanneer er iets mis is, of mis dreigt te gaan. Ze zijn zorgvuldig en precies. Je kunt dus stellen dat ze alles wat hun systeem binnenkomt op een diep niveau verwerken.

Amerikaans psycholoog Elaine N. Aron heeft onderzoek gedaan en komt tot de volgende kenmerken:

Kenmerken van hooggevoelige kinderen:

(meer…)

%d bloggers liken dit: