Je hebt het vast al heel vaak gehoord, water drinken is erg belangrijk voor je lichaam. Het klinkt zo simpel want het enige wat je hoeft te doen is water drinken.
Toch zijn er veel kinderen en volwassenen die het eigenlijk te weinig drinken. En dit terwijl het voldoende water drinken voor een heleboel goede dingen zorgt.
Wist je bijvoorbeeld dat:
• het je hersenen helpt bij het efficiënt opslaan en terughalen van informatie?
• Het efficiënte elektrische en chemische activiteit tussen de hersenen en het zenuwstelsel bevordert?
• Het je helpt je stressniveau te verlagen bij bijvoorbeeld toetsen of andere momenten dat je stress ervaart?
• Het zorgt voor een verbeterde concentratie wanneer je metaal vermoeidheid raakt?
• Het zorgt voor een betere beweging?
• Het zorgt voor een betere mentale en lichamelijke coördinatie?
• Het zelfs zorgt voor betere communicatievaardigheden?
Als je dat allemaal weet dan begrijp je vast waarom het zo belangrijk is om voldoende water te drinken.
Wanneer drink je nu voldoende water?
Wel daar is een formule voor bedacht om uit te rekenen hoeveel glazen water je nodig hebt.
Neem je gewicht, verdubbel dat en deel de uitkomst door 24.
oftewel
(gewicht x 2) : 24 = aantal glazen water per dag.
Dat betekent voor iemand van 60 kg het volgende:
60 x 2 = 120
120 : 24 = 5
Dus weeg je 60 kg dan is het voor je lichaam fijn als 5 glazen water drinkt.
Wanneer drink je water?
Wanneer je bij elke maaltijd een glas water drinkt, zijn dat er al drie. In het voorbeeld van de rekensom van hierboven heb je dan al meer dan de helft van je dagelijkse behoefte gedronken!
Wanneer je dan wanneer je een tussendoortje eet ook nog een glas water drinkt, heb je voor die dag al genoeg gedronken!
Maar ook na het sporten is goed om te zorgen dat je voldoende drinkt, zeker als je ook nog flink wat zweet bent kwijt geraakt.
Dus hoe maak je er nu een gewoonte van?
• Drink tijdens iedere maaltijd een glas water.
• Drink een glas water als je een tussendoortje nuttigt.
• Drink na het opstaan een glas water als je niet meteen gaat ontbijten.
• Drink na het sporten minstens een glas water.
Wanneer je je bovenstaande momenten aanwent om een glas water te drinken, is het ineens een stuk makkelijker geworden!
Workshop: Mediteren en tekenen

Even tot rust komen door te visualiseren en te tekenen.
Tijdens deze workshop gaan we in een klein groepje van maximaal 4 kinderen/pubers starten met een mooie visualisatie/meditatie. Tijdens deze meditatie krijg je wellicht al inspiratie voor je tekening! Na de visualisatie ga je aan de slag om jouw ervaring op een creatieve wijze vorm te geven.
Voor slechts €10 kun je al deelnemen aan dit 90 minuten durende avontuur.
Natuurlijk is dit inclusief de materialen en iets te drinken en wat lekkers.
Wanneer er een einde is gekomen aan de workshop, mag je natuurlijk je eigen creatie mee naar huis nemen. Zodat je deze thuis een mooi plekje mag geven zodat je ook thuis nog na kunt genieten van je ervaring tijdens de meditatie. Op die manier kun je als je het weer even te druk in je hoofd krijgt weer even terug gaan naar het heerlijke ontspannen moment van de tekening.

Agenda:
woensdag 25 maart 15.00-16.30 uur
€10 vooraf betalen. (inclusief materiaal en iets te drinken met iets lekkers)
Wat als mijn kind spoken ziet?
Steeds vaker kom ik in mijn omgeving (zowel in de werksfeer als privé) kinderen tegen die meer zien of horen dan hun ouders. Soms is dat leuk, maar er zijn ook wel eens momenten dat dat helemaal niet leuk is en misschien zelfs wel wat beangstigend. Maar wat doe je dan als ouder?
Allereerst neem je kind serieus! Of jezelf nu wel of niet hetzelfde ervaart als je kind, laat je kind weten dat je hem of haar serieus neemt. Daarmee geef je je kind vertrouwen dat het ben jou als ouder ook hiervoor terecht kan. Wanneer je zelf ook iets ervaart is het al iets makkelijker omdat je de ervaring kunt delen.
Spookjes in de kamer
Er zijn diverse jonge kinderen die spreken over spookjes of geesten (al noemen ze die vaak niet zo) die ze vooral ’s nachts waarnemen. Vaak zijn het onbekenden, maar soms ook geesten van overledenen die ze hebben gekend. Sommige geesten proberen hen bang te maken of doen gek terwijl anderen gewoon door de kamer lopen. Na de kleuterleeftijd hoor je er nog weinig kinderen hierover. Dit kan zijn doordat er geen waarnemingen meer zijn of omdat ze geleerd hebben dat veel volwassenen het niet geloven.
De waarneming leidt vaak tot angstaanvallen, nachtelijke huilbuien en nachtmerries. Deze kinderen zijn dan ook bang om alleen te slapen of willen niet alleen in hun kamer zijn. Sommige kinderen hebben zowel overdag als ’s nachts plasongelukjes terwijl ze normaal wel zindelijk zijn.
Hoe kan je je kind hiermee helpen?
Het maakt niet uit wat je eigen overtuiging is rondom geesten. Belangrijk is dat je je kind de kans te geeft zich te uiten. Je kan het zelf belachelijk vinden of juist bang zijn, maar je kind heeft op het moment wanneer het spreekt over waarnemingen een begrijpende ouder nodig.
Laat je kind vertellen over wat het waarneemt op het moment dat het erover begint. Luister aandachtig zonder te oordelen. Laat het kind merken dat je het serieus neemt.
Wanneer je kind is uitgepraat en de bij behorende emoties heeft kunnen uiten, kun je vertellen wat je zelf gelooft dat er aan de hand is. Als je gelooft dat het een echte waarneming is, kan je je kind dit vertellen. Als je echter gelooft dat het niet echt is, kan je dit ook aan je kind vertellen. Dit stelt je kind gerust.
Mocht het zo zijn dat je gelooft dat het een echte waarneming is, dan kun je samen met je kind er iets aan doen waardoor je kind het gevoel en de ervaring krijgt dat het invloed uit kan oefenen.
Speciaal voor kinderen die last hebben van een spookje op hun kamer heb ik een prentenboek gemaakt.
‘Hoe tover ik een spookje van mijn kamer?’ is een handleiding in de vorm van een prentenboek. Ik help zo kinderen om die spookjes weg te toveren, zodat zij weer fijn kunnen gaan slapen.
Kindercoach
Hoe begeleid je een kind bij het overlijden van een dierbare?
Je hebt het vast zelf als eens meegemaakt dat je een dierbaar persoon of een dierbaar huisdier hebt verloren door een overlijden. Het verdriet is groot en het kan ook moeilijk zijn om daar mee om te leren gaan. Wanneer je als ouder ziet dat je kind verdriet heeft vanwege een verlies, raakt je dat. Het liefst zou je het verdriet van je kind weg willen nemen maar dat gaat helaas niet. Maar wat kun je wel doen?
Laten we eerst even kijken naar hoe een rouwproces verloopt. Rouwen hoort bij het verlies van een dierbare. Zonder rouwen kun je niet verder in het leven. Rouwen kost tijd en energie. Rouwen is hard werken.
Hoe je rouwt is persoonlijk maar voor iedereen is het rouwproces in vier fasen te onderscheiden. Fasen die je allemaal moet doorlopen om het verlies te verwerken zodat het mogelijk is om terug te denken aan de overleden dierbare zonder intense pijn te ervaren.
De eerste fase is de fase van het aanvaarden van de werkelijkheid van het verlies. Herken je het gevoel van ongeloof en onbegrip als er een dierbare overleden is, vooral als dit niet voorafgegaan wordt door een ziekbed? Je denkt dat je in een nare nachtmerrie terecht bent gekomen. Maar helaas is niets minder waar…
Het opbaren van overlijden personen is iets wat wordt gedaan om mensen de werkelijkheid te laten erkennen en natuurlijk om afscheid te nemen. Wanneer je met eigen ogen hebt gezien dat de persoon echt is overleden, komt de werkelijkheid binnen.
Natuurlijk moet je je goed afvragen of je je kind mee wil nemen naar een opgebaarde dierbare. Ik weet dat het zien van mijn opgebaarde grootouders nog lang op mijn netvlies heeft gestaan. Voor mij waren het niet meer de opa en oma zoals ik ze altijd zag en me hen wilde herinneren. Vraag aan je kind wat het graag wil, wil het graag mee of heeft het liever niet en wil het op een andere manier afscheid nemen.
Wanneer je je kind moet gaan vertellen dat een dierbare is overleden, doe dit dan ook op een moment dat je de volledige aandacht hebt van je kind. Neem het bij je, houdt niet alleen oogcontact maar houdt ook fysiek contact zodat je het ook kunt knuffelen wanneer het daar behoefte aan heeft. Zeg niet dat ze nu voor altijd gaan slapen. Ben eerlijk in je bewoordingen en zorg dat je ook eerlijk bent over de dood. Wanneer je zegt dat opa voor eeuwig is gaan slapen, kan het zijn dat je kind bang wordt om te gaan slapen. Leg uit dat opa dus niet meer op bezoek kan komen, dat opa niet meer kan komen kijken naar een voetbalwedstrijd. Leg uit wat dood zijn betekent en maak het concreet. Soms helpt het ook om een prentenboek te lezen over de dood. Zoals bij het boek Kikker en het vogeltje.
Na fase 1 komt fase 2. De fase waarin de pijn van het verlies wordt ervaren. Helaas is er geen weg om de pijn heen. De enige weg is de pijn ervaren en je daar doorheen werken. Dit betekent niet dat je kind hele dagen lang loopt te huilen. Nee, vaak zijn het tijdelijke en hevige pijnscheuten. Zo kunnen kinderen het ene moment intens verdrietig zijn en het volgende moment weer vrolijk spelen en grapjes maken.
Maar het kan ook zijn dat je kind juist heel opstandig wordt en zich tegen alles en iedereen afzet. Ook dit hoort bij rouwen en verdriet hebben. Ook hier zal je kind zelf moeten leren hoe het hier mee leert omgaan. Belangrijk is dat je een luisterend oor biedt. Luister naar hoe je kind zich voelt en ga niet zeggen dat het zich anders moet voordoen. Laat het verdriet er zijn. Vertel eventueel ook hoe jij het verlies ervaart. Schuw niet om je verdriet te laten zien. Voor je kind is het ook belangrijk om te ervaren dat hij niet alleen in zijn verdriet staat. Samen verdriet hebben, geeft ook steun.
Na de tweede fase volgt de derde fase. Hierbij leer je je leven aan te passen zonder de overleden dierbare. Het betekent dat je dus oplossingen vindt voor de rol die de overleden dierbare vervulde. Waar heeft je kind behoefte aan en hoe kun je daar (een andere) invulling aan geven nu bijvoorbeeld opa er niet meer is.
Wanneer je bij de vierde en laatste fase bent aangekomen, leer je de overleden dierbare een nieuwe emotionele plaats geven in je leven en leer je ook weer van andere mensen te houden zonder dat je je daar schuldig over hoeft te voelen. Het is dus belangrijk dat je kind zich weer durft te binden aan andere mensen of dieren. Dit betekent dat ze leren te houden van een eventuele nieuwe partner van een (groot)ouder na het overlijden van een (groot)ouder.
Wanneer je dit zo leest, merk je ook dat rouwen hard werken is. Ik geef je graag nog vijf tips mee voor jou als ouder wanneer je een verdrietig verlies met je kind te verwerken krijgt.
Tip 1: Verberg je persoonlijk verdriet niet. Laat je kind zien dat het oké is om verdriet te hebben.
Tip 2: Luister naar wat het kind verteld. Direct maar ook indirect. Kijk ook naar zijn spel en creatieve uitingen.
Tip 3: Sta open voor vragen en beantwoord deze ook eerlijk. Ook wanneer je geen antwoord kunt geven op de vraag, geef de vraag dan terug en vraag hoe het kind zelf denkt dat het zal zijn. Wanneer er echt een antwoord wenselijk is, ga dan samen opzoek naar een passend antwoord passend bij de leeftijd van het kind.
Tip 4: Schroom niet om te praten over de overledene maar vergeet niet om ook over het verdriet te praten. Deel het verdriet met elkaar en blijf in gesprek.
Tip 5: Creëer een herinneringsplekje voor de overledene. Bespreek samen waar het kind graag dat zou willen en wat het daar graag zou willen plaatsen/hangen/etc. Koester herinneringen.
Mocht je na aanleiding van deze blog, de behoefte hebben om hier nog over te praten of zoek je een kindercoach voor je kind, aarzel dan niet op contact op te nemen.
Mocht je zelf nog graag een keer in contact komen met de overleden dierbare via een Levensbrugafstemming, aarzel dan niet en neem contact met mij op.
Waarom is hechting zo belangrijk bij kinderen?

Tegenwoordig is er veel meer bekend over wat hechting met de ontwikkeling van kinderen doet. Wanneer er ergens een storing is in het proces kan dat gevolgen hebben op de latere ontwikkeling van een kind in hoe het met anderen omgaat. Maar hoe verloopt het hechtingsproces?
Onderzoekers hebben zich eerst gericht op hoe hechting in het dierenrijk tot stand komt. Iedereen kent wel het verhaal dat wanneer een dier uit een ei is gekropen dat het zich dan hecht aan het eerste levende wezen dat het ontmoet. Ze zien dit levende wezen als een moeder. Vanuit dit gegeven zijn onderzoekers verder gaan onderzoeken. Zo zijn ze er achter gekomen dat je verschillende fasen hebt waarin het hechtingsproces plaatsvindt.
Al tijdens de zwangerschap beginnen de voorlopers van het hechtingsproces. Wanneer een foetus zes maanden is, ontwikkelt het al vaardigheden die het begin vormen van het hechtingsproces. Denk hierbij aan dat het kind ervaart of een moeder angstig en het reageert op de stem van de moeder. Ook de gevoelens van de moeder ervaart het kind. Wanneer deze positief getint zijn richting de nog ongeboren baby heeft een bevorderende werking op het hechtingsproces.
Wanneer de baby is geboren gebruikt het allerlei signalen die er voor zorgen dat de ouders voor hem/haar zorgen. Wanneer een baby ongeveer 5 maanden oud is, ontwikkelt het een voorkeur voor de verzorgers die vertrouwd zijn voor de baby. Zo’n twee maanden later krijgt de baby steeds meer de voorkeur voor één persoon. Dit kan zowel de moeder als de vader zijn. Het is namelijk niet afhankelijk van wie het kind voedt. Het heeft meer te maken met bij wie het kind zich veilig voelt. Dat veilig voelen is belangrijk wanneer het zich bijvoorbeeld angstig of verdrietig voelt. Wil je zorgen dat het kind zich veilig bij je voelt, dan is het ook belangrijk dat je de angst of het verdriet van je kind serieus neemt en het troost.
Wanneer je baby in de leeftijd komt van een dreumes tot met peuter, is het in staat om even zonder de favoriete ouder te kunnen en vertrouwt het erop dat de ouder weer terugkomt of dat het zelf naar de ouder toe kan gaan. Als kleuter is je kind in staat om ook hechtingsrelaties aan te gaan met andere personen dan alleen de ouders. Door ervaringen in de verschillende hechtingsrelaties vormt de kleuter zich een beeld van hoe een relatie hoort te zijn.
Wanneer een hechtingsproces goed verloopt blijken deze kinderen sociaal vaardiger te zijn, weerbaarder en minder angstig en ook leergierig. Ze hebben zelfvertrouwen en durven vanwaaruit de wereld te verkennen.
Gelukkig kan een niet zo lekker verlopen hechtingsproces toch nog positief beïnvloed worden met behulp van goede begeleiding. Maar andersom kan ondanks een goede hechting er toch ook nog een verstoring plaats vinden. Het is dus belangrijk om te zorgen dat je altijd alert blijft op de hechting binnen je gezin.
Wanneer je gevoelig bent voor de wensen en behoeften van je kind, leert je kind dat je er voor hem of haar wilt zijn. Dit geeft een veilig gevoel. Dit betekent ook dat dit niet alleen de moeder hoeft te zijn. Ook de vader die gevoelig is voor de wensen en de behoeften van zijn kind bouwt een waardevolle relatie op met zijn kind. Moet dat op dezelfde manier als de moeder dat doet? Nee hoor, dat hoeft helemaal niet! De intentie van de ouder en het gevoel dat je je kind geeft zijn belangrijk. Een kind heeft liefde en verzorging nodig. Voor iedereen is het fijn als hij/zij zich veilig voelt. Want wanneer je je veilig voelt, kun je zelfvertrouwen opbouwen en jezelf ontwikkelen.
Moet ik dan de hele dag met mijn kind bezig zijn en op ieder geluidje reageren? Nee, dat hoeft echt niet. Maar zorg ervoor dat je er voor je kind bent als het je nodig heeft. Knuffel je kind zodat het zich geliefd voelt, maar kijk hierbij wel of je kind ook net zoveel van het knuffelen geniet als jij als ouder. Er zijn kinderen die knuffelen niet zo prettig vinden maar wel een andere vorm van genegenheid of aanwezigheid van de ouder waarderen. Wat ik tijdens het maken van Luisterkindafstemmingen regelmatig tegen kom is dat een kind gewoon wil voelen dat de ouders van hun kind houden. Dat het behoefte heeft om die warmte van de ouder te voelen. Om te ervaren dat zijn/haar ouders positieve gevoelens hebben voor het kind.
Ga ook met elkaar in gesprek en bespreek wat je fijn vindt en waar je behoefte aan hebt. Dit kun je ook met kinderen doen. Ook kinderen kunnen aangeven wat ze graag willen. Maar allemaal hebben ze de behoefte aan onvoorwaardelijke liefde van hun ouders. Ze willen die veilige thuishaven waar ze op kunnen bouwen. Of ze nu baby zijn of puber, altijd is er de behoefte om ergens je thuis te voelen en te mogen zijn wie je bent. Dat je je veilig voelt. Dat mensen aan je gehecht zijn en je aanwezigheid waarderen.
Moet je dan alles accepteren wat je kind doet en zegt? Nee hoor, liefde voor je kinderen hebben is ook grenzen aangeven. Hoe fijn is het als je weet waar je aan toe bent? Dus dat je weet wat geaccepteerd wordt en wat niet. Dat je weet wat jij mag verwachten van de ander en wat jij mag verwachten van de ander? Dat geeft duidelijkheid. En wanneer je kind weet dat het altijd bij je terecht kan, heb je als ouder een veilige thuishaven gecreëerd.
Nog meer lezen over hechting:
Wat een cadeautje is het toch om extra gevoelige voelsprieten te hebben…
Onlangs mocht ik een herdenkingsbijeenkomst bijwonen waar familieleden van een tijdens WOII gesneuvelde vliegtuigbemanning bij elkaar waren. Ze kenden elkaar niet maar hadden allemaal de verbinding met elkaar dat ze een familielid verloren waren bij een vliegtuigcrash.
Net voordat we de ruimte betraden, keek ik even naar binnen en maakte ik een foto van drie stoelen. Voor veel mensen waarschijnlijk gewoon drie stoelen in een ruimte. Maar niet voor mij…
Ik merkte de energie van overleden dierbaren op. Gewoon een aantal opgewonden mannen die enthousiast waren over wat voor moois er te gebeuren stond. Hun familie zou elkaar leren kennen en net als zij onderling ook kunnen lachen. Ze zouden dezelfde verbondenheid ervaren als zij gedaan hebben 75 jaar geleden.
Genieten van het feit dat ze niet vergeten zijn en dat ze in de harten van deze mensen nog altijd voortleven. Zij hebben hun leven gegeven voor de vrijheid van miljoenen andere mensen en wat is dan een leven op zoveel miljoenen? Zij hadden het er voor over om hun leven te geven voor het groter geheel. Zij streefden voor vrijheid en vrede op de wereld.
Laten we dat koesteren. Laten we onze vrijheid en verbondenheid waarderen. Laten we er samen voor zorgen dat er nooit meer zoiets hoeft te gebeuren.
En ik? Ik ben dankbaar dat ik deze energie en deze woorden heb mogen ervaren. Dit zijn de momenten dat ik nog extra koester dat ik extra gevoelige voelsprieten heb.
Wanneer heb jij voor het laatst echt geluisterd?

Vaak horen we elkaar wel praten maar wordt er niet echt geluisterd naar wat de ander eigenlijk probeert te vertellen.
Luister jij alleen naar datgene wat de ander letterlijk zegt of luister jij verder?
Luister jij naar wat de ander te vertellen heeft?
Gewoon zonder oordeel over wat hij of zij zegt?
Zonder dat je in gaat vullen wat hij/zij wel zal bedoelen?
Wanneer heb jij verder doorgevraagd wat iemand echt bedoeld?
Wanneer heb jij naar de ander geluisterd met de intentie de ander te begrijpen?
Ik vind het belangrijk dat wanneer je een gesprek voert dat je echt luistert naar wat de ander zegt.
Tijdens het schrijven van Luisterkindafstemmingen merk ik dat dit een thema is wat regelmatig terug komt.
Diverse kinderen geven aan dat ze graag gehoord en gezien willen worden.
Ook al zijn ze nog jong, ook zij hebben een stem die gehoord mag worden.
Want hoe fijn is het als een ander echt eens tijd voor jou vrij maakt om te luisteren naar wat je graag wil vertellen.
Naar jouw verhaal.
Laten we gehoor geven aan de wens van deze kinderen en laten we terug gaan naar de bedoeling van communiceren.
Laten we weer echt open en oprecht gaan luisteren naar elkaar.
Laten we weer verbinding maken met de ander.
Laten we elkaar weer gaan zien en horen.
Laten we een waardevolle verbinding maken met elkaar…
Inspiratie
Ken je dat, dat je iets wil maar je weet niet goed wat?
Vast wel! Iedereen heeft dat toch wel eens?
Een tijdje terug was ik heel hard aan het denken wat wil ik, maar ik kwam er niet goed uit. het was niet het juiste moment zeg maar. Maar in de afgelopen twee maanden kwamen er spontaan de leukste ideeën in mijn hoofd.
Ik ben dan ook heel dankbaar voor de app op mijn telefoon waar ik snel notities kan maken omdat die leuke ideeën natuurlijk komen op onverwachte momenten en dan heb ik niet altijd pen en papier bij de hand.
Wat voor ideeën het zijn?
Dingen die ik allemaal zou kunnen doen in mijn privéleven maar ik die ik zou kunnen doen voor Praktijk De Vlinder. Inspiratie voor boeken, inspiratie voor activiteiten (zoals bijvoorbeeld de 30-dagen-challenge die ik nu op de facebookpagina gestart ben, echt leuk om mee te doen!) en nog veel meer. Zo zit ik ook te denken aan een programma op te zetten wat raakvlakken heeft met wat ik al doe voor Praktijk De Vlinder. Ik ga hier later jullie echt nog wel over informeren maar zolang het nog niet tastbaar is, laat ik het nog even een verrassing zijn.
Daarnaast heb ik ook nog gesprekken gevoerd met mensen die mooie dingen neer willen gaan zetten in mijn woonplaats. Zoveel moois wat er aan zit te komen. Mensen gaan hun lot, hun leven in eigen hand nemen en willen iets neer zetten, iets creëren om de wereld een stukje mooier te maken. Om meer tot elkaar te komen. Maar ook om zelf meer in balans te komen. Zo mooi!
Kortom laat die inspiratieflow nog maar even lekker stromen!
Docent begrijpt HSP-leerling niet
Allereerst wil ik even kwijt dat er gelukkig heel veel leerkrachten en docenten zijn die heel goed met hun leerlingen omgaan en respect hebben voor de gevoelens van hun leerlingen. Zelf vind ik het ook erg belangrijk dat een leerling voelt dat hij of zij serieus wordt genomen.
Helaas zijn er ook docenten die zeggen dat ze bekend zijn met HSP maar dat tijdens het gesprek overduidelijk te merken is dat er geen respect is voor de gevoelens van de leerling. Hoe ga je daar dan mee om als kind en als ouder? Want niets is zo frustrerend als een docent die zegt dat hij of zij jou begrijpt terwijl je ziet en voelt dat dat allesbehalve het geval is.
Laten we beginnen met dat je mijns inziens niet de wereld om je heen moet willen veranderen en zelf je achter HSP verschuilen met excuus om niets aan jezelf te veranderen. Daarmee zet je jezelf in een slachtofferrol terwijl HSP juist een hele mooi kracht van iemand kan zijn. Ik bedoel daarmee niet dat je je HSP moet ontkennen. Wat ik bedoel te zeggen is dat het belangrijk is dat je met je HSP leert omgaan om goed te kunnen functioneren in de huidige maatschappij net als andere mensen dat ook moeten. Dat is het allerbelangrijkst om eerst zorg voor te dragen. Want van daar uit kun je mensen ook laten zien hoe mooi HSP kan zijn en wat je er mee kunt bereiken.
Wanneer je in een gesprek bent met een docent waarin je niet het gevoel hebt dat de hij of zij begrijpt wat jij bedoelt, geef dat dan ook op een respectvolle wijze aan. Blijf echter wel trouw aan jezelf en wanneer jij graag met respect behandeld wil worden, behandel de ander dan ook met hetzelfde respect als jij behandeld zou willen worden ongeacht hoe jij behandeld wordt. Vertel zo rustig mogelijk dat je het gevoel hebt dat de ander niet begrijpt wat jij bedoeld. Vaak wordt er namelijk met woorden iets anders gezegd dat via lichaamstaal wordt uitgestraald. HSP-ers pikken dit natuurlijk feilloos op en dan ontstaat er verwarring. Wanneer je meteen heel boos reageert, gooi je bij voorbaat de deur al dicht en kan het gesprek net zo goed stoppen omdat het dan alleen maar hard tegen hard gaat. Wanneer je zelf rustig probeert uit te leggen wat je bedoeld kan het nog steeds zo zijn dat de ander niet helemaal begrijpt wat je bedoelt maar weet de ander wel dat jij je niet gehoord voelt. Maar het kan ook zijn dat dat ander zich daar niet van bewust is.
Bedenk vooraf wat je graag met het gesprek zou willen bereiken en hoe je dat het beste aan kunt pakken. Denk in oplossingsmogelijkheden waar zowel kind als docent zich in kunnen vinden. Docenten hebben het vak gekozen om kinderen iets te leren dus er is altijd wel ergens een ingang te vinden die waar beide partijen zich in kunnen vinden. Soms is een kleine aanpassing al voldoende voor de HSP-er en een kleine moeite voor de docent. Natuurlijk kun je de docent ook altijd wijzen op alle informatie die op mijn website www.praktijk-de-vlinder.com/hsp te vinden is. Speciaal voor docenten en leerkrachten staat daar wat achtergrondinformatie over HSP en ook tips hoe je er in de klas mee om kunt gaan op een manier die voor alle kinderen prettig is HSP of niet. Voor de kinderen zelf en voor ouders staat er ook veel informatie op de website. Tips over hoe je omgaat met overprikkeling maar ook hoe je het voorkomt.
Wanneer je als ouder in gesprek bent met een docent en je hebt het gevoel dat jullie er niet uitkomen en jullie zijn het daar beide over eens, kun je wanneer je er echt niet uit komt natuurlijk altijd besluiten het gesprek te stoppen en op een later moment voort te zetten met eventueel een derde onafhankelijk persoon erbij vragen om te kijken of die kan uitleggen waar de miscommunicatie zit. Maar dit doe je natuurlijk pas wanneer je eerst zelf rustig hebt proberen duidelijk te krijgen waar het probleem ligt en wat een fijn zou zijn als het anders zou kunnen.
Wat er ook gebeurt, probeer altijd respectvol met elkaar in gesprek te blijven. Wanneer een docent er echt niets mee kan, respecteer dat hij of zij dat doet, maar vraag ook of hij of zij dan respecteert dat het bij jouw kind anders werkt. Voor de leerling van deze docent is het belangrijk dat hij of zij daar ook mee om leert gaan en goed bij zichzelf te blijven. Niet iedereen is immers even begripvol in de maatschappij en dan kun je het beter zien als een training om om te leren gaan met mensen die minder gevoelig zijn. Accepteer dat mensen verschillend zijn en denken maar dat iedereen op zijn manier het beste voor heeft met het kind.
Als allerlaatste tip: Ga tijdig met elkaar in gesprek en laat dingen niet opstapelen waardoor het in één keer een hele kruiwagen met frustraties is, dan ben je te laat en kun je niet meer rustig met elkaar in gesprek gaan.
Meer lezen over HSP?
Kijk hier op de site van Praktijk De Vlinder
of lees verder in onderstaande boeken

